Om kwart over vijf lopen we weg van de hut, zó over de sneeuw waar wij gisteren doorheen zakten. We klauteren de toch redelijk steile morene op, uiteraard met stijgijzers i.v.m. de bevroren sneeuw.

Op de Gross Bigerhorn treffen we een gemixt terrein aan met veel rotsblokken, maar ook met sneeuw. Enkele keren worden de stijgijzers aangedaan, om vervolgens bij een groot rotsveld weer uit te doen.
Om ca. 08.30 staan we op een windstille top (3626 m) en kijken naar de bergen om ons heen en in de verte, die afsteken tegen een blauwe lucht.








Gross-Bigerhorn (3626)
Op de terugweg pakken we ook nog de Klein-Bigerhorn (3128 m) mee. Na een kleine lunch dalen we af via de flank van de berg door een wand van rotsblokken. Bij de hut zakken we weer door de sneeuw.
Het was een schitterende tocht, niet alleen vanwege de overweldigende omgeving, maar zeker ook vanwege het gevariëerde terrein. Jan vindt het zelfs mooier dan de tocht naar de top van de Alphübel.
De Bordierhut staat overigens op 2886 meter hoogte in een héél ander landschap dan de vorige hut. Hier donderen twee gletsjerstromen de berg af en zit je met je neus op die gletsjers.
We besluiten om morgen weer af te dalen en kunnen vanmiddag dus rustig aan doen.
De steenbok die we gisteren al zagen komt eens buurten, af en toe kraakt de gletsjer en valt er veel ijs en sneeuw naar beneden. Verder gebeurt er niet zo veel. Trivialiteiten als een tekort aan thee nopen tot speuracties in de hut naar achtergelaten etenswaar.
(P.S. Jan heeft 't touw mee naar boven gesjouwd en tegen de afspraak in ook enkele honderden meters naar beneden. Dit moest dan wel hier vermeld worden.)
